Activiteiten & Actueel

22-06-13 Opentuinendag

P. Groot

Om steeds weer het voorgaande jaar te evenaren, of liefst te overtreffen, moet een enorme uitdaging zijn; een uitdaging die gepaard gaat met veel organisatie, tijd en inzet, iets waar iedereen niet altijd bij zal stilstaan. Eigenlijk vinden we het vanzelfsprekend dat het allemaal steeds weer zo piekfijn voor elkaar is, maar een grote pluim voor alle inzet lijkt mij op zijn plaats. De route langs de open tuinen van onze afdeling is ieder jaar weer een complete safari, en als het weer wil meewerken, zoals dit jaar het geval was, dan kan de dag niet stuk. Soms kom je op plaatsen die je regelmatig op enige afstand passeert (zoals ‘De Twee Heren’), zonder enig benul te hebben wat daar verborgen is. Vaker kom je op plaatsen waar je nog nooit bent geweest en nooit zou komen als je je kansen niet benut. Zo kwamen wij dus als eerste bij ‘De Twee He­ren’ aan de Geerling in Boven­karspel en vielen wij van de ene verbazing in de andere. Mocht je fantasie bij hun naam op de loop gaan, dan is hierbij verteld dat ze niet als heren gekleed gaan, maar als hoveniers. Ze noemen zich ‘ecologische hoveniers’ en geven daar een eigen invulling aan. Wat vooral opvalt is hun oneindige creativiteit. Mede vanwege de ruimte schrijf ik ‘hap snap’ wat op, maar als u (veel) meer wilt weten: ze hebben een website (www.detweeheren.nldie alle geheimen prijsgeeft. Op hun erf en in hun kas accentueren ze hun manier van werken en beplanten, maar je vindt er nog veel meer ludieke zaken en aparte planten, te veel om te beschrijven. In een interessant gesprek met de heer Bimmerman vertelt hij dan ook dat de crisis aan hen voorbij gaat: druk, druk, druk. Ze hergebruiken veel materialen. Zo is een deel van het terras en een stenen trappetje gemaakt van brokken van (gevonden) graf­zerken.

Van deze aparte beleving naar de volgende.

 

Verrassenderwijs kwamen we eigenlijk op bekend terrein. In het verre verleden handelden we met de firma Laan. Deze firma had de oude gasfabriek in de Outger Jacobszstraat in Bovenkarspel ge­kocht en ingericht als bedrijfs­gebouw waar wij ons handeltje afleverden. Later veranderde de handel van onze bedrijven en ging Laan Lelies naar Zwaagdijk. Nu waren we zomaar, na tientallen jaren, weer op die plek waar nu een appartementengebouw staat. Hier kwamen we Ben (inmiddels 84) en Roos, nog kwik en kras, weer tegen. En met een tuin als een plaatje. Een veelheid aan planten, en geen onkruid te zien: alles piekfijn verzorgd, fris en gezond. Toch wel een aparte ervaring met intussen dus nog drie tuinen te gaan. We hielden het dit jaar wat in ‘De Streek’, zoals wij als Andijkers de aaneen­geschakelde dorpen op één hoop vegen.


Daarna vanaf de Kerkstraat zo ongeveer op audiëntie bij ‘De Paus’, kwamen we achter een heuse kerk terecht. ‘De Paus’ is overigens een gewone kroeg, waar je goed kan parkeren, en in het tegenover­liggend kerkje wordt er hoofd­zakelijk getrouwd. We zijn nu aan­geland in Lutjebroek in de tuin van ‘Bessie’. Daar geen bessie gezien: de tuin is van Anny en Jaap Bruijn, en is een oase van rust. Eenentwintig jaar geleden zijn ze er neergestreken en ze hebben veel tijd en energie in hun tuin gestoken. Het was wel wat vallen en opstaan, maar ze zijn op dit moment erg tevreden met het geheel, en dit lijkt mij ook zeer terecht.

Het gros van de in hoofdzaak fietsende safarigangers zal nog nooit in de Molenstraat in Grootebroek zijn geweest. Het is een smal doodlopend weggetje met weinig parkeer­ruimte en van die jaren dertig tuinderswoningen met een schuur achter bij de sloot. Inmiddels is er geen tuinder meer te bekennen, zijn de huizen verbouwd en wor­den de schuren anders ge­bruikt. Een bootje of polderschuit achter het huis ligt er soms nog, maar het zou zeker leuk zijn geweest als er nu eens één enkel stukje in de oude staat van pakweg 1950 zou zijn gebleven. Een soort open­luchtmuseumstraatje. Door een labyrint van gebouwtjes met reclame voor bier enzovoort ligt een brugje over de sloot (met schuit) en belanden we meteen in een andere wereld. De familie zelf is met vakantie, maar de opvang is evenzogoed prima. In de geschreven informatie staat dat de familie al 31 jaar daar woont en de tuin stukje bij beetje heeft ingericht. Het resultaat mag er zijn. Jenny (van der Lee) is liefhebber van haar Hortensia's en Jack is gek met zijn rode en groene beuken. Hun constante oorlog met de cactuskever hopen ze binnenkort te kunnen beslechten. Het is een aardig diepe tuin met allerlei verrassingen, die eindigt bij een sloot waar je meteen uitkijkt over een stuk open landschap.

De tuin van de familie Brieffies in Lutjebroek is toch wel een soort­gelijke aangename verrassing: ons vierde kopje koffie met cake en een verademing om eens een dagje alleen maar aardige mensen tegen te komen. Als de wereld alleen uit ‘Groei & Bloeiers’ zou bestaan, zouden Adam en Eva mogelijk wel in tuinkleren lopen, maar leef­den we verder nog in het paradijs. Ook hier zie je de sporen van het vroegere tuindersbestaan en het tuindergebeuren. Je komt, ook weer ineens, in een onverwacht lang stuk tuin, omgeven door sloten, en met uitzicht op open landschap. De water­lelies lachen je toe. Er is veel tijd en energie in hun tuin gestoken, maar duidelijk met veel plezier. In de loop van de tijd hebben ze de tuin rigoureus uitgebreid en doorontwikkeld. Ieder jaar weer wat nieuws. Jammer dat ik over hun tuin geen twee A4-tjes vol mag schrijven, want hun prachtige tuin is ook een leefwereld, met veel fantasie, geschiedenis en mythologie. In deze tuin komen twee culturen samen, want in 2004 is de Ierse Anne Marie met de oer-Hollandse Brieffies gehuwd en heeft zij het voortouw genomen. Zij hebben van hun tuin ook ongeveer hun leven gemaakt. ‘Tír na nÓg’ is hun tuin genoemd, naar een Ierse mythologische plaats, en dat betekent zoiets als ‘Eeuwige jeugd’. Veel planten hebben bijnamen, en ook de plekjes hebben een naam gekregen, zoals ‘Cleopatra hofje’ of ‘Cheopspark’. Volgens hun eigen beschrijving is de schepping voelbaar, tastbaar en zichtbaar.

 

Met zulke interessante tuinen en mensen werd het haastwerk om bij de laatste tuin te komen. Een Mollenfamilie met een tuin aan de Koriander, verscholen in Hoogkarspel. Een totaal andere omgeving en andere mensen met andere ideeën. Molshopen waren er niet te bekennen, maar wel een prachtige tuin, aangepast aan de mogelijkheden en de omgeving, met een spannend paadje langs de sloot naar de achtertuin. Kees en Marge wonen er inmiddels twaalf jaar en met veel plezier. Ieder jaar is weer een stukje nieuw ontwikkeld en ook heeft de tuin een flinke vijver. Hun grootste trots is de Japanse Esdoorn, die een dominante plek inneemt en een prachtige rode kleur heeft. Wat we veel zagen en ook hier zien, is dat men zijn eigen plekje creëert. Hier met een opbouwtje met een zitje, waar je je krantje kunt lezen, of gewoon van de tuin en de natuur kunt genieten.

Er kan zeker weer van een zeer geslaagde dag worden gesproken. We be­gonnen en eindigen daarom nu met dank aan alle enthousiaste vrijwilligers en deelnemers, die dit allemaal mogelijk hebben gemaakt.

meer




Wilt u in 2013 ook u tuin openstellen voor bezoek?

Neem dan contact op met Riet Keeman :

riet.keeman(at)quicknet.nl T:0228-513001

17
Feb
Het voorjaar is al voelbaar
17
Feb
Het voorjaar is al voelbaar