Activiteiten & Actueel

21-06-14 Opentuinendag

P. Groot

Ruim boven de honderd bezoekers genoten van een mooi weer dag, tijdens de jaarlijkse tuinensafari, dit jaar op 21 juni. Deze viel in Andijk samen met de, vanuit de Gereformeerde Kerk georganiseerde, tuin- en kunstroute wat mij een dilemma gaf. Ik deed aan dat goede initiatief zelf mee, maar zou ook een verslagje schrijven van de opentuinendag, dus ik heb de tuinen wat later bezocht. Dit jaar waren die vooral in het jubilerende Stede Broec, niet te ver uit elkaar, dus en voor veel mensen prima te befietsen. Als je aan de Enkhuizense kant begon, was de fiets wel handig; vanaf de Albert Heijn parkeerplaats moest je over fietsbruggetjes de Boerenhoek in. Op zich een leuke wandeling in een soort Ot en Sien-omgeving die al romantisch aan­doet, en een plaats waar je anders nooit komt.

Achter Hoenderpad 19 vinden we dan wat de ‘romantische binnen­stadtuin’ werd genoemd. Die ro­mantiek moest dan dus bij Kees en Andrea Botman gezocht worden, die weten er meer van. Eigenlijk waren alle bezochte tuinen vaste­plantentuinen, en allemaal echt tot in de perfectie verzorgd. Als je ze allemaal gehad had, zou je denken dat onkruid simpelweg een niet bestaand iets is. Zich erg onder­scheidende of bijzondere zaken zag je niet direct, maar gewoon zo’n tuin die met liefde en zorg wordt omgeven. Maar toen ik ze bezocht, werden we verrast door een kolibrie-vlinder die ik al weer een paar jaar niet had gezien, die zich tegoed deed aan de nectar van de kam­perfoelie. Terug wandelend maar een blokje om gegaan, om nog wat van de charme van die unieke buurt te proeven, met de flinke sloten en vaarten, van waaruit vroeger ook veel agrarische activi­teit van boeren en tuinders plaatsvond.

Vandaar landden we bij Murillo­straat 12 in Bovenkarspel bij Peter Kreuk en Joke Ruiter: ‘Tuin in ont­wikkeling’ staat er in de nieuws­brief. Ik vind het een keurig ont­wikkelde vasteplanten­tuin, maar Peter is net bezig met een nieuw sproei­systeem, dus toch een extra ontwikkeling. Het meest in het oog springend was de Galega Officiales (of geitenkruid), en dan was er nog iets geweest met een actie waar Lia Schoenmaker bij betrokken was, ‘Tegel eruit, plant er in’. Daar had Joke iets mee ge­daan, met aardig resul­taat.

De kleinste maar in mijn beleving toch ook eigenlijk de interessantste tuin lag daar op een flinke steen­worp vandaan. Eigenlijk was het een soort exclusieve verzame­ling van exotische planten en vooral cactusachtigen en succu­lenten. Jaap Fortman zelf was niet zo zeer een succulent, maar wel een exoot te noemen, die met verve en met alle zorg omgeven, zijn winterharde bananen­plant, cactus alpuntia (boomach­tige cactus) Cirtus roos, Mirte (het bijbelse Mirre), de Yucca Glorisa (bloeit pas na vijf jaar), de aparte Yucca Rostrata, het dwerg­heestertje Olearia, de Toskaanse jasmijn, en de Falsia Japonica (om maar even te noemen wat ik zo snel op heb weten te schrijven) verzorgde en koesterde. Het is toch wel heel erg leuk als iemand zoveel passie in iets spe­ciaals weet te leggen.

De Hoofdstraat volgende naar het westen, komen we dan bij Gerard en Suzan Koster. Met zijn 84 jaar bewijst Gerard dat je door tui­nieren oud wordt en fit blijft, en een dure voor de AOW en pen­sioenen. Voor mij een ontzettend leuk bezoek, omdat we raakvlakken hebben in onze oude vakgebieden en agrarische verleden. Gerard heeft zeker een flink stempel gedrukt op allerlei ontwikkelingen, waar hij met enthousiasme over vertelde. Dit was dus niet even in en uit, maar een leuk bezoek, en eigenlijk op visite. Het ging om de tuin, die lag er (net als de andere tuinen) keurig bij, met vooral veel aparte soorten fuchsia. Daar dus ook weer een aparte passie. Maar achter op zijn erf staat de oude bollenschuur, waar het vroeger allemaal gebeurde, de tulpen in bakjes uit de schuit, een schuur vol pelsters, op onderzetters, met het hefwagentje, deur dicht anders springen de huiden, maar aan de schuur vast nog een kas, die ooit professioneel was, waar tienduizenden tulpen zijn gebroeid, maar wat nu een nogal uit de kluiten gewassen hobbykas is. Een deel van de kas staat vol met druiven en ik kreeg de eerste rijpe perziken mee.

Intussen was de tuin van Gerard en Ada Ligthart nog over. Die liep ik (ook) een paar keer mis. Wel stond bij het naambordje dat we met een tuinaanlegger te maken hebben. De gezondheid straalde van de planten af. Ook een echte vasteplantentuin, maar veel zaken die in de winter groen blijven en heel bijzonder en in het oog sprin­gend de Japanse Esdoorns (Acers) in zeven verschillende soorten: bijzonder sierlijke boompjes die wel eens wat moeilijk zijn, maar het in deze tuin buitengewoon naar de zin hebben. Er werd gericht met kleur­schakeringen omgegaan: geel en oranje was taboe, blauw en wit had de overhand.

Het zal eenieder duidelijk zijn dat, om alles goed te laten verlopen, er in de organisatie weer heel veel vrijwilligerswerk is gaan zitten, wat wel, zoals ik meen waar te nemen, met veel inzet en ook plezier wordt gedaan. Ook de deelnemers zijn doorgaans enthousiast om hun paradijsje te showen. En er wordt vast al weer aan volgend jaar gedacht. Iedereen dus ‘tot volgend jaar’ gewenst.

meer
16
Feb
Sneeuwklokjes vitaminen
15
Feb
LENTEBODEN
Menu