Enkhuizen

23-01-20 Lezing over Turkije

Een scheutje Turkije, zonder Erdogan

P. Groot

Degene die mij ooit eens eeuwige trouw heeft beloofd had 23 januari op de kalender ingevuld met ‘Groei & Bloei’ en vroeg wat die Theo deze maal had opgekookt. Antwoord: iets met Turkije ofzo, waarna ze keek, zo ongeveer van ‘Ik heb het niet zo op die Erdogan, enzo’. Maar verder weet ze ongeveer welke kant het op ligt, maar acht dagen naar Alanya voor € 186,-. Is er nog nooit van gekomen, dus in een combinatie van het voordeel van de twijfel, vrouwelijke nieuws­gierigheid en de beloofde trouw, wandelden we de halve kilometer naar ‘De Nieuwe Doelen’. En, mwah, geen klachten gehoord, knopje was om. We kregen middels ene Lia Kok en Ben van Bokhoven, die overigens geen onbekenden bleken, een aardige inkijk van wat daar gaande is, nu zij dankzij familiebanden enzovoort zich daar met regelmaat begaven. Eerst bracht Lia in herinnering dat we het hebben over een land dat bijna twintig keer de Nederlandse oppervlakte beslaat, met ook een wel twintig keer langere geschiedenis, en heel veel roerige tijden met een zich nogal wat wisselende grens, ook deels bakermat van het christendom. Maar daar moest die Mohammed zich daar dan later weer tegenaan bemoeien, en kwamen de Ottmanen met een wereldrijk, pakweg tien keer wat het nu is, waar uiteindelijk dank zij Ataturk (een soort Erdoganachtig figuur) dan toch nog van overbleef van wat er nu over is. Dus veel vechten, eigenlijk voor niets. En in die buurt (de Balkan) vechten ze af en toe nog maar weer door waar ze zevenhonderd jaar terug waren gestopt, dus vaak best wel wat reuring in die buurt. Zo bracht Lia ons naar de ruïnes van Efeze, ongeveer tweeduizend jaar terug een bruisende stad, waar Paulus de bewoners kwam vertellen dat die vruchtbaar­heidsgodin Artemis van hen eigenlijk niets was en hij een maagd in de aanbieding had, wat wel aardig aansloeg. Zo kregen we een inkijk in zowel het heden als het verleden. Het pakweg drie­duizend jaar oude Efeze was inmiddels om de zoveel tijd verwoest door oorlogen, aardbevin­gen, branden en wat dies meer zij.

Na de pauze nam Ben het over en richtte zich op het landschap en de natuur, en daar bleek vooral het noordoostelijke deel veel te bieden te hebben, wat bekend staat als Cappadocië, onverwacht en zeer verrassend. Hier woonden vierduizend jaar terug de Hethieten, die ook in de bijbel worden genoemd, nu Turks, vroeger ook Perzisch. Alexander de Grote kwam er, later Romeins, en wie eigenlijk niet. Nu benoemd als werelderf­goed, bekend ook om de tufsteenkegels, feeën­schoorstenen, grotwoningen om maar wat te noemen. Nog weinig over plantjes, bloemetjes, bijtjes, vogeltjes enzovoort. Maar ook daar kwamen de doorgewinterde Groei & Bloeiers aan hun trekken, nu Ben ook een zeldzaam goede fotograaf blijkt te zijn, en zich daarmee flink vergreep aan de grote flora- en faunarijkdom, vooral waar ook bijvoorbeeld een meer zich bevond. Ongeveer alle soorten reigers, wilde orchideeën enzovoort, waarbij wel het bekende verhaal dat sommige zaken sterk teruglopen. Enfin, er zijn nog wel wat bladzijden vol te schrijven, maar genoeg voor degenen die toch voor ‘Goede tijden, slechte tijden’ kozen, om ze een spijtgevoel te hebben aangepraat, want niet alle stoe­len waren bezet. Teruglopende naar huis vroeg de directrice wat zo een georganiseerde trip naar Cappa­docië ongeveer zal kosten.